Interview

Regisseur Tarik Saleh over Eagles of the Repulic: 'Mensen denken dat mijn film satire is. Ik zou willen dat het satire was'

In politieke thriller Eagles of the Republic krijgt een Egyptische steracteur de hoofdrol in een gevaarlijke propagandafilm in zijn schoenen geschoven. Op het Filmfestival van Cannes spreken we regisseur Tarik Saleh over de invloed van het leger op de lokale filmindustrie, de ziel Caïro (waar hij al sinds 2015 niet meer is geweest) en zijn voorliefde voor militaire parades. 'Ik kan je vertellen dat '22 een goed jaar was. Echt heel goed.'

De Zweeds-Egyptische filmmaker Tarik Saleh is vanwege zijn kritische blik al een tijdje niet meer welkom in Egypte, maar dat weerhoudt hem er niet van thrillers te blijven maken over corruptie in de hoogste regionen van de Egyptische machthebbers. Na politiefilm The Nile Hilton Incident en Cairo Conspiracy, dat zich afspeelde op de Al-Azhar-universiteit, het meest prestigieuze centrum voor islamitische theologie, richt Saleh zijn pijlen in Eagles of the Republic op de door het leger onder handen genomen Egyptische filmwereld. Hij draaide zijn derde en laatste titel uit de Caïro-trilogie op veilige afstand in Istanbul.

Salehs goede vriend Fares Fares, die ook al was te zien in de twee vorige films, speelt in Eagles de rol van de succesvolle B-acteur George Fahmy. Die heeft het allemaal best goed voor elkaar, tot-ie wordt gevraagd om de hoofdrol te spelen in een film over het leven van president Abdel Fattah el-Sisi. De lange, slanke en met een volle haardos gezegende Fahmy lijkt voor geen meter op Sisi en wil ook eigenlijk helemaal niets met hem te maken hebben. Maar de rol weigeren, dat lukt ‘m niet. Nadat al zijn andere werk om mysterieuze redenen wordt afgezegd en hij bezoek krijgt van een groepje gewapende mannen, gaat Fahmy schoorvoetend akkoord.

Eagles of the Republic

B-acteur George krijgt door de Egyptische autoriteiten een rol aangeboden die hij niet kan weigeren.

Te zien vanaf donderdag

Wat volgt is een bizarre opnameperiode, waarin de acteur steeds dieper het politieke moeras in wordt getrokken. Op de set krijgt hij te maken met een machteloze regisseur die onder streng toezicht staat van ene Dr. Mansour, een vertrouweling van Sisi die erop toeziet dat de president zo glorieus mogelijk wordt geportretteerd. Later wordt Fahmy gevraagd om een lovende toespraak te houden tijdens een militaire parade en raakt hij zijdelings betrokken bij een staatsgreep.

‘Mensen denken dat mijn film satire is, maar het is geen satire. Ik zou willen dat het satire was’, stelt Saleh, als we hem in 2025 spreken op het Filmfestival van Cannes. Hij legt uit dat het Egyptische leger een reusachtige vinger in de pap heeft in alle lagen van de economie, waaronder ook de media- en filmwereld. Saleh: ‘Ze namen de hele filmindustrie over. Ze staan hier zelfs op de Croisette [op de filmmarkt van Cannes, red.]. Ze hebben een paviljoen en alles.’

‘Op een gegeven moment zag ik een tv-serie over de carrière van al-Sisi, gemaakt met een enorm budget. De Egyptische ster Yasser Galal – een heel lange, knappe vent met veel haar – speelde hem. Toen ik die serie zag, dacht ik: dit is absurd! Hoe zou het zijn om hieraan mee te werken? Als ik als filmmaker in Egypte zou wonen, zou ik misschien gedwongen zijn om het te doen, samen met Fares.’

Tarik Saleh

Is de hoofdpersoon van de film voor jou een slachtoffer of een collaborateur? Of is hij beide?

‘Ik vind dit heel belangrijk: hij is ons allemaal. Ik vroeg Fares: zullen we ooit meeleven met een acteur? Ik twijfelde daarover omdat we nooit weten of de emoties van een acteur echt zijn of niet. Tijdens het filmen besefte ik me: we zijn allemaal acteurs. We hebben allemaal een rol die we spelen. Als ik de film zie, heb ik het gevoel: ja, ik zou in deze situatie waarschijnlijk hetzelfde doen.’

Wanneer was je voor het laatst in Caïro?

'2015.'

2015?!

‘Ja echt. Het is daarom voor mij heel raar om Caïro keer op keer na te maken. Ik gebruik Fellini graag als voorbeeld. Hij weigerde terug te gaan naar waar hij vandaan kwam, en dus nam hij al zijn films op in Rome. Hij deed een hoop gekke dingen om niet naar huis te hoeven gaan. Voor mij is dat de magie van film. Dat je de geest – de ziel – van een plek kunt vangen, zonder er te zijn.’

Je kunt Caïro nooit verslaan; de stad zal je breken

‘Caïro is ook meer een state of mind. Caïro betekent in het Arabisch ‘De Overwinnaar’, in de vrouwelijke vorm. Je komt daar en je wordt veroverd. Je kunt Caïro nooit verslaan; de stad zal je breken. If you can make it in Cairo, you make it anywhere. Dat is waarom iedereen in het Midden-Oosten of Noord-Afrika die iets wil worden— een ster, een zanger, bla bla bla — naar Caïro moet gaan.’

‘Om de geest van Caïro te vangen ben ik voor m’n laatste twee films naar Istanbul gegaan. Natuurlijk heeft Istanbul ook behoorlijk wat clout. Het is niet hetzelfde, maar wel bijna. Het geeft je een beetje datzelfde gevoel: dat het het centrum van een imperium is. Er zijn maar weinig plekken in de wereld die dat gewicht hebben – die gravitas. Je kan zien dat er veel geld in Caïro is gestoken. Geld dat later weer is gestolen, waardoor het onderhoud niet best is. Maar de gebouwen zijn nog steeds behoorlijk indrukwekkend.’

‘Wat er eng is aan Egypte, is dat het apparaat – wij noemen het het apparaat, de machine – zo groot is geworden, dat het oncontroleerbaar is. Het leidt een eigen leven. Ik zal je een wat luchtigere anekdote hierover vertellen. Een deel van onze film is wel degelijk stiekem in Egypte opgenomen. Dus als de Egyptenaren de film zien, zullen ze dat weten. En weet je wat de reactie in Egypte zal zijn onder de mensen van de staatsveiligheid? Het zal niet zijn: hoe hebben ze dat gedaan? Nee, ze zullen denken: wie is hiervoor betaald? En waarom heb ik geen stuk van de taart gekregen? Dat is het probleem met corruptie: het enige waar mensen aan denken is hoe ze betaald kunnen krijgen.’

Hoe houd je contact met de Egyptische realiteit?

‘Dat is moeilijk. Deze film is mijn versie van de realiteit, niet de Egyptische versie. Ik omring me wel met veel Egyptenaren die nog steeds connecties hebben en teruggaan. En natuurlijk volg ik de intriges binnen het leger en de intriges binnen de filmindustrie. Ik ben daar heel obsessief mee bezig.’

‘Ik ben bijvoorbeeld een van de weinige mensen die naar de militaire parades kijkt. Niemand in Egypte kijkt daarnaar! Omdat ze sinds de moord op Sadat [in 1981, red.] geen openbare parades meer houden, worden ze gehouden op een paradeterrein van de militaire academie. Ze doen er drie of vier per jaar en ik zie ze allemaal. Dus ik kan je vertellen dat '22 een goed jaar was. Echt heel goed. In '23 deden ze iets geweldigs: er was een nachtelijk deel met vuurwerk en een soort lichtshow. Ze worden er steeds beter in. Ik zou ze op de vierde of vijfde plaats in de wereld zetten wat betreft militaire parades. Ik denk dat nummer 1 waarschijnlijk China is. Noord-Korea was nummer 1. Zij zijn nu een soort van nummer 2. De Russen staan op nummer 3 met hun overwinningsparade – geweldig. En dan natuurlijk Frankrijk. De Amerikanen…'

Die krijgen er straks ook een [in juni 2025, red.].

‘Ja, die krijgen er ook een. En het is zo stom, want de Amerikanen zeiden altijd: paraderen betekent dat je niet goed bent in oorlog voeren. Je loopt gewoon een beetje rond op muziek. Val in plaats daarvan maar eens een land binnen.’

Als je nadenkt over de toekomst van je land, van Egypte, ben je dan pessimistisch?

‘Ik ben een optimist. Zowel over Europa als over Afrika en het Midden-Oosten. Op dit moment is het vreselijk. Dit is het donkerste punt. We laten een genocide passeren, en vieren tegelijkertijd het Eurovisiesongfestival. Ik vind het een absolute schande, vooral voor de westerse wereld.’

Ik geloof ook in cinema. Tv-series en sociale media, bla bla bla, dat is er allemaal alleen maar om ons af te leiden

‘We plaatsen onszelf in een positie waarin we willen zeggen: ‘Oh, we wisten het niet’. Maar dit keer zullen we dat niet kunnen zeggen. We zullen het niet kunnen zeggen omdat het recht voor onze neus gebeurt. We zien het elke dag. We zullen ons schamen tegenover onze kinderen. Mijn kinderen zullen me vragen: wat deed jij toen dit gebeurde? ‘O ja, ik was een film aan het maken. Ik was in Cannes op de rode loper, maar het was ingewikkeld.’ Hoezo ingewikkeld? Waarom heb je niet geprotesteerd? Waarom heb je niet alles gedaan wat in je macht lag om het te stoppen?’

‘Wat ik bedoel is dat ik geloof in jonge mensen. Ik geloof in de toekomst. Echt waar. Ik heb vier dochters en als ik met hen praat, voel ik veel hoop, omdat ze veel slimmer zijn. Ze hebben meer integriteit en zullen de oude kerels en hun fucking onzin verwerpen. Ik bedoel: ze gaan een keer dood, die oude kerels. Dat is het enige feit dat we daadwerkelijk hebben.’

‘Ik geloof ook in cinema. En echt alleen in cinema, want tv-series en sociale media, bla bla bla, dat is er allemaal alleen maar om ons af te leiden. Cinema is iets anders, omdat je twee uur lang iemand anders bent, de emoties van iemand anders beleeft en de beslissingen van iemand anders neemt. Een film kijken is een daad van empathie.’

Jesse

Jesse werkt al meer dan 14 jaar bij Cineville. Toen hij begon maakte hij de nieuwsbrief en filmagenda – en dat doet-ie soms nog steeds. Maar meestal is hij druk als eindredacteur en wandelend Cineville-archief. Voordat hij bij Cineville belandde studeerde hij Media & Cultuur (in Amsterdam) en Journalistiek (in Groningen).

Laatste artikelen