Interview

Actrice Léa Drucker over Dossier 137: 'De mensen bij Interne Zaken hebben een vreemde positie: niemand vindt ze leuk'

In de politieke thriller Dossier 137 kruipt Léa Drucker in de huid van een rechercheur die onderzoek doet naar Frans politie-geweld. Op het Filmfestival van Cannes spreken we de actrice over de sfeer bij Interne Zaken, haar beeld van de Gele Hesjes-protesten en acteren als je eigenlijk geen emoties mag laten zien.

Op 1 december 2018 stapt Guillaume Girard met zijn ouders en zus in de auto naar Parijs. De Gele Hesjes-protesten, ontstaan na de zoveelste verhoging van de accijns op brandstof, hebben de hoofdstad veroverd, en zelfs in hun industriestadje in de Haut-Marne is de protestvlam aangewakkerd. De Girards zijn nog nooit in Parijs geweest. De sfeer in de auto is optimistisch, alsof het viertal een gezellige citytrip voor de boeg heeft. Maar aan het eind van de dag zal Guillaume zwaargewond raken dankzij een rubberen kogel in zijn gezicht.

Wat een vreedzame mars moest worden, of eigenlijk, een dagje uit met het gezin, mondt uit in een veldslag. Er staan die decemberdag in Parijs meer dan honderd auto’s in de fik, de Arc de Triomphe wordt gevandaliseerd en aan het eind van de maand zijn er tientallen slachtoffers zoals Guillaume: voor het leven getekend door munitie waarvan politieagenten heel goed zouden moeten weten dat ze nooit op iemands hoofd gericht moeten worden. Hoe kon het zó mis gaan?

Dossier 137

Rechercheur Stéphanie werkt bij Interne Zaken en krijgt een zaak toegewezen over een man die ernstig gewond is geraakt tijdens een demonstratie in Parijs.

Dossier 137, na La nuit du 12 en Seules les bêtes het derde politiedrama van de Duits-Franse regisseur Dominik Moll, begint als het vuur nog maar net gedoofd is. De zaak-Girard, een fictieve collage van verschillende waargebeurde verhalen, belandt op het bureau van Stéphanie (Léa Drucker). Het is dossier nummer zoveel voor deze rechercheur van de inspection générale de la police nationale (IGPN, Frans voor Interne Zaken), die de ondankbare taak heeft het buitensporige geweld van haar collega’s te onderzoeken. Niemand mag de IGPN: agenten vinden Stéphanie en haar collega’s een stelletje verraders, burgers zien de afdeling als een zwarte doos waar misstanden in de doofpot verdwijnen. Stéphanies objectiviteit wordt door iedereen in twijfel getrokken – al helemaal als blijkt dat het slachtoffer uit dezelfde stad komt als zij.

Dossier 137 is een film over objectiviteit, over verwrongen perspectieven en de vraag of er überhaupt een waarheid te vinden valt in korrelige camerabeelden en verstrengelde belangen. Het is óók een film over de minst sexy tak van de politie. Het werk van Stéphanie is routineus: een aaneenschakeling van getuigenissen en tijdstippen en PDFs en formulieren en jargon over welke kogels je wel en niet vanaf welke afstand mag afschieten. Ze is het kastje en de muur. Toch maakt Moll, mede dankzij de centrale rol van hoofdrolspeler Léa Drucker en een scene-stealing bijrol van Guslagie Malanda (Saint Omer), een zinderende thriller van al die bureaucratie.

Wat me opviel was hoe zo’n technisch scenario zo emotioneel kon worden, en zulke universele dingen kon zeggen over deze crisis

Als we Drucker na de première van Dossier 137 spreken, zitten we ver weg van discussies over accijns, pensioenleeftijden of koopkracht: op het dakterras van een chique hotel ergens in Cannes, met uitzicht over zee. Ze vertelt ons over haar samenwerking met Moll, de dubbelrol van de IGPN en het spelen van een personage dat eigenlijk geen emotie mag tonen.

Wat dacht je toen je het script voor het eerst las?

‘Ik was vooral gefascineerd door de IGPN. In Frankrijk kennen we het departement als de politie van de politie, maar in media spelen ze een kleine rol. Doordat Dominik samen met de scenarist zoveel onderzoek had gedaan – bijna alsof ze een documentaire maakten – ontdekte ik tijdens het lezen hoe de afdeling in elkaar steekt. Wat me opviel was hoe zo’n technisch scenario zo emotioneel kon worden, en zulke universele dingen kon zeggen over deze crisis. Er zat heel veel nuance in.’

Voor het filmen heb je met verschillende IGPN-agenten gesproken. Hoe hebben die gesprekken je rol als Stéphanie gevormd?

‘Het was een vreemde ervaring, als acteur vragen stellen aan de politie. Ze waren heel open over hun werk. Mijn meest cruciale vraag was: hoe ga je om met de emoties die je voelt tijdens een onderzoek of verhoor? Dat was doorslaggevend voor hoe ik mijn werk als acteur zou uitvoeren. Waar stop je je gevoelens? Ze vertelden me dat ze nooit kunnen laten zien wat ze voelen, ook al voelen ze wel degelijk iets. Dominik stuurde me af en toe bij als ik te emotioneel werd. Als acteur is het fantastisch om zo beheerst te moeten spelen, om alle zaken die intiem en privé zijn binnen te houden.’

Was dat lastig?

‘Het enge aan die manier van spelen is dat je je regisseur volledig moet vertrouwen. Je bent continu bang dat het niet op het publiek zal overkomen.’

De protesten en het politiegeweld dat daarbij gepaard ging zijn beladen onderwerpen in Frankrijk. Hoop je op een bepaalde reactie in je thuisland?

‘Ik hoop dat ze dezelfde reactie hebben die ik had toen ik het script las. Toen de protesten uitbraken stond ik in het theater, en moesten we sluiten vanwege de onrust. Veel Fransen moesten stoppen met wat ze aan het doen waren. Ik heb er op tv naar gekeken, maar het is iets heel anders om zoiets via het nieuws mee te krijgen dan om er een film over te maken waarin je alle complexiteit en menselijke perspectieven kan onderzoeken. Ik hoop dat het publiek hetzelfde voelt als wij en zich kan verplaatsen in het gezin waar de film om draait: mensen die voor het eerst naar Parijs gingen om op een vreugdige, vreedzame manier te protesteren en gewond terugkwamen. En in de politie, waarvan een deel overweldigd werd door de situatie en hun best probeerden te doen, en een aantal gasten dachten dat ze cowboys waren.’

Zonder al te veel weg te geven: de film eindigt vrij open. Hoe zie jij de rest van Stéphanies verhaal?

‘Als kijker kan je zelf verzinnen hoe je het einde wil zien. Stéphanie loopt tegen haar grenzen aan. Datzelfde gevoel hebben veel burgers denk ik bij de politie: dat er een grens is bereikt. Dus wat gaan we nu doen? Hoe gaan we weer geloven in gerechtigheid?’

‘De mensen bij de IGPN zitten in een vreemde positie: niemand vindt ze echt leuk. Hun collega’s mogen ze niet, burgers mogen ze ook niet. Dat is zwaar. Werken bij de IGPN is zelden iemands roeping. De meeste mensen gaan niet bij de politie omdat ze hun collega’s willen inspecteren.’

'Niet alle, maar veel van de onderzoekers bij de IGPN zijn vrouwen. Ze zijn geswitcht vanwege de uren, of omdat het… ik wil niet zeggen dat het rustiger is dan politiewerk, want het is hard werken, maar het is een andere keuze. De vrouwelijke agenten die ik sprak vertelden dat ze, nadat ze kinderen kregen, plotseling hun tijd anders moesten indelen. De reguliere werktijden van de IGPN zijn dan een manier om bij de politie te blijven werken, maar ook voor je gezin te kunnen zorgen. De situatie in de film is heel reëel: Stéphanie werkte eerst in de anti-drugseenheid met haar ex-man, en hij is daar gebleven en zij is geswitcht voor de kinderen.’

‘De rechercheurs die ik sprak krijgen met intimidatie en seksueel grensoverschrijdend gedrag te maken. Dat is niet uniek voor de politie, dat gebeurt bij vrouwen in allerlei professionele omgevingen. Ze vertelden dat de mannen die ze tegenover zich krijgen tijdens een onderzoek een bepaalde houding aannemen. Het zijn sterke gasten die soms het gevoel hebben van: waarom zit ik hier? Ze denken: jij zit lekker achter je bureau, ik ben met echte zaken bezig. Dat kan ik ook begrijpen. Ik zit hier ook maar in Cannes over een film te praten.’

De filmindustrie heeft misschien ook wel vergelijkbare problemen.

‘Ik denk dat we naar een punt toe bewegen waarop er meer gelijkheid en bescherming is voor jonge vrouwen in de filmwereld. Ik ben 50 jaar oud, ik kan goed met dingen omgaan, niemand valt mij lastig. Maar toen ik 25 was, een jonge actrice, was dat moeilijker. Ik ben blij voor de jonge vrouwen van nu dat ze meer tools hebben. Dat er naar ze geluisterd wordt. Maar het is nog steeds zwaar.’

‘De macht ligt bij een paar mensen. Sommigen kunnen daar heel goed mee omgaan, sommigen niet. De vraag is: hoe gebruik je de macht die je hebt om dingen te verbeteren, en niet om anderen te verwoesten?’

Jente

Jente doet graag alsof ze een enorm verfijnde smaak heeft, maar in werkelijkheid geldt vaak: hoe slechter de film, des te meer ze ervan geniet.

Gerelateerde films

Dossier 137

Rechercheur Stéphanie werkt bij Interne Zaken en krijgt een zaak toegewezen over een man die ernstig gewond is geraakt tijdens een demonstratie in Parijs.

Laatste artikelen