Interview

Regisseur Harry Lighton over domcom Pillion: 'De motorcultuur heb ik altijd al horny gevonden'

Cineville-redacteur Emin ging op en neer naar Parijs voor een goed gesprek met Harry Lighton, die voor zijn domcom Pillion op zoek ging naar queerness en zachtheid in de harde Britse motorwereld. Samen met zijn hoofdrolspelers – Alexander Skarsgård en Harry Melling – ontdekte hij hoe het is om op een motor te zitten, intiem te rammen en af en toe een laars te likken.

‘Colin, op je knieën. Colin, kus m’n laars. Colin, in de hondenmand. Colin, hou je snuit.’ In Pillion, van de Britse regisseur Harry Lighton, heeft de dominante biker Ray (Alexander Skarsgård) het allemaal voor het zeggen. En Colin volgt ‘m gedwee. Lighton castte Harry Melling – die je misschien kent als pestkop Dudley uit de Harry Potter-reeks – als Colin: onopvallend, sullig en verre van moeders mooiste. Skarsgård werd Ray, de motorrijder. En Ray… Ray is alles wat Colin niet is. Autoritair, gehuld in glimmend zwart leer en gevaarlijk aantrekkelijk. Dus hoe kruisen de paden van deze twee uitersten?

Het is een liefdesverhaal van alle tijden. Een verlegen sukkel en een onweerstaanbare alfa vinden elkaar, leren van elkaar en houden van elkaar. In Pillion is het enige verschil dat er hard wordt geneukt, geworsteld en zonder schroom met fetisj en kink wordt geëxperimenteerd. Het is in de plaatselijke Britse kroeg dat Colins ogen voor het eerst op Ray vallen. Colin zingt daar in een barbershopkwartet – met strooien hoed op en gestreept pak aan – als een groepje bikers de kroeg binnenloopt. Ray geeft Colin z’n nummer en hun date vindt niet veel later plaats achter de Primark. Het gaat er direct intens aan toe: Ray geeft bevelen, Colin volgt ze op.

Verheugfilm

Pillion

Colin (Harry Melling) is de controle kwijt en vindt het terug bij biker/hottie/dom Ray (Alexander Skarsgård).

Te zien vanaf donderdag

Zo begint hun romantische odyssee, waarin Ray zijn bikerleven langzaam openbaart aan zijn onderdanige pillion. (In de motorwereld is een pillion iemand die achter de bestuurder zit. In de film Pillion staat deze rol voor totale overgave.) Naarmate ze vaker afspreken, krijgt Colin steeds meer ‘rechten’ in de relatie. En het meest fascinerende? Colin geniet ervan. En ik als kijker ook, want achter dit op het eerste oog brute machtsspel schuilt verrassend veel tederheid.

Lighton baseerde Pillion op Box Hill van Adam Mars-Jones, een roman over de machtsdynamiek tussen een 18-jarige jongen en een veel oudere man. Het boek speelt zich af in 1975, maar Lighton verplaatste het verhaal naar het nu. Ook maakte hij Colin ietwat ouder en verving hij zijn hoogbegaafde Mensa-achtergrond door die van een zingende verkeersagent. Deze aanpassingen versterken het contrast met de rauwe Ray. Waar het boek leunt op intellectuele verschillen, drijft de film op twee mannen die, fysiek en emotioneel, een eigen versie van intimiteit (her)definiëren.

In Parijs spreek ik Lighton over zijn domcom Pillion. We zitten in een Frans appartement dat verdacht veel wegheeft van een showroom, met een weids uitzicht over het tiende arrondissement. Lighton is gekleed in een strakke joggingbroek en afgetrapte sportschoenen. Het is een outfit die me doet denken aan de fascinatie voor sportkleding binnen de queer community. En het is precies de look die je verwacht bij de regisseur van een film als Pillion. Zodra we zitten, vraag ik hem eerst naar de psychologie van de pillion: het passagierszitje. ‘De motorcultuur heb ik altijd al horny gevonden’, geeft Lighton toe. ‘Vooral het beeld van een biker en zijn passagier vind ik opwindend. Het leek me een mooie uitdaging om een moderne film te maken waarin motorrijders worden neergezet als een bron van zowel seksueel verlangen als neuroticisme. Meestal wordt die cultuur in de Tom of Finland-esthetiek van de jaren 60 en 70 geplaatst; ik zag een kans om dat beeld op te frissen voor een hedendaags publiek.’

In deze film is de motorbende een plek van saamhorigheid waarbij het traditionele vechten is vervangen door neuken

Harde mannen, zachte jongens

Pillion is Lightons eerste lange speelfilm. Hiervoor maakte hij vier korte films, waaronder Wren Boys, over een homokoppel dat trouwt in een gevangenis, en Sunday Morning Coming Down, waarin een tweeling experimenteert met homoseksuele verlangens en fetisj in het Engeland van 1994. Lighton: ‘Sinds het maken van korte films was ik al geïnteresseerd in seksuele transgressie. Toen ik Box Hill kreeg toegestuurd, raakte de dom-sub relatie mij het meest. Ik zag het als een humoristische ingang tot een wereld die me fascineert. De symboliek van de biker en de pillion diende als een treffende metafoor voor dominantie en onderwerping.’

Ik vertel dat het me opvalt hoe mannelijkheid in zijn films vaak een masker is dat langzaam afbrokkelt. Dat roept de vraag op: hoe ziet hij die balans tussen die uiterlijke hardheid en de innerlijke gevoeligheid? Lighton: ‘Ik ben opgegroeid in een behoorlijk mannelijke omgeving en heb veel gesport. Ik ben altijd gefascineerd geweest door het idee dat flamboyantie vlak onder de oppervlakte van ‘gepresteerde’ mannelijkheid kan liggen.’

Hij vult aan dat hij het spannend vindt om iets te presenteren dat oogt als het stereotype van mannelijke hardheid, om vervolgens de zachtheid te onthullen die daaronder schuilgaat. ‘Het is voor mij een manier om de binaire scheiding tussen mannelijkheid en vrouwelijkheid te bevragen.’

Het queeren van de motorcultuur

De manier waarop de motorgemeenschap wordt neergezet, speelt daarom ook een cruciale rol. Pillion breekt met het klassieke, ruige beeld dat we doorgaans van bikers hebben. Om authenticiteit te waarborgen, koos Lighton ervoor om zo veel mogelijk echte motorrijders te casten en diepgaand onderzoek te doen. ‘Door de motorgemeenschap zo zacht neer te zetten, probeer ik de motorcultuur te queeren. Historisch gezien worden motorrijders vaak afgeschilderd als outlaws: gewelddadig en verwikkeld in vetes tussen rivaliserende clubs. Maar of je nu kijkt naar de ballroom-cultuur in New York of naar de queer motorcultuur: het queeren van een onderwerp gaat vaak gepaard met het vervangen van dat geweld door iets tederder, warmer en pacifistischer.’

‘Ik wilde dat de motorbende in de film een plek van saamhorigheid zou zijn, vergelijkbaar met die in heteroseksuele motorclubs, maar dan waarbij het traditionele vechten is vervangen door neuken. Het moest een vreugdevolle plek zijn waar de gay gemeenschap samenkomt. Er bestaat een groep genaamd de GBMCC, de grootste gay motorclub van het Verenigd Koninkrijk en misschien zelfs van Europa. Ik heb veel tijd met hen doorgebracht; ik reed als passagier achterop en sprak met talloze leden. Uiteindelijk heb ik velen van hen ook gecast. Op de hoofdrolspelers en Jake Shears (de leadzanger in Scissor Scissors, red.) na, komt bijna de hele motorbende in de film voort uit de GBMCC of de Londense kink-scene. Zij waren onze belangrijkste bron van informatie. Ik kon ze alles vragen: van wat hun leer over hen vertelde tot welk glijmiddel ze zouden gebruiken bij een orgie.’

De symboliek van de biker en de pillion diende als een treffende metafoor voor dominantie en onderwerping

Laarzen likken en huiswerk maken

Hoofdrolspelers Harry Melling en Alexander Skarsgård kregen van Lighton huiswerk mee. Voor uitgebreide chemie-sessies was echter geen tijd, maar volgens de regisseur was dat ook niet nodig. ‘Ik had al een sterk vermoeden dat ze goed bij elkaar zouden passen. We hadden geen tijd voor repetities, dus ik moest erop vertrouwen dat het zou werken zodra we ze in een kamer zetten.’

Melling kreeg de opdracht om Hlynur Pálmasons Godland te kijken. Lighton: ‘De acteerprestaties daarin zijn naturalistisch, maar ook expressief. Ik wilde niet dat Harry zijn personage Colin als een kleurloze muurbloem zou spelen,’ zegt Lighton. ‘Daarnaast liet ik hem een weekend lang achterop rijden bij Paul, een echte biker die ook in de film zit. Hij leerde van hem hoe hij een laars moet likken.’

Paul is Paul Tallis, die in Pillion een rol als een van de bikers vertolkt. Aan GQ vertelde Tallis dat zijn eerste ontmoeting met Lighton in een Londense pub plaatsvond, waar hij een zware ketting met hangslot droeg en onthulde dat zijn passie bij pup play ligt. Die kettingen met hangsloten keerden uiteindelijk terug in de film als symbool voor onderwerping binnen de fetisj- en kinkwereld.

En de voorbereiding voor Skarsgård? Lighton: ‘Bij hem focusten we op het mysterie van zijn personage Ray. Ik gaf hem de Franse film Un amour impossible als referentie, vanwege een personage dat zo charismatisch en ideologisch zelfverzekerd is, dat de ander bereid is al haar principes voor hem op te geven.’

Spelen met het genre

Zowel Godland als Un amour impossible waren eerder in Cineville te zien: het blijken de perfecte inspiratiebronnen. Heeft Lighton zelf nog films gekeken ter voorbereiding? ‘Wat de seksscènes betreft, heeft 120 BPM zeker impact op me gehad. Ik herinner me dat regisseur Robin Campillo vertelde hoe hij zowel seksueel falen als succes wilde omarmen. In die film stopt een koppel bijvoorbeeld even met de seks omdat een van hen geen erectie krijgt; ze praten wat en beginnen dan simpelweg opnieuw.’

Het is een eerlijkheid die Lighton mist in het genre. ‘In veel gay coming-of-agefilms is de eerste keer seks direct fantastisch, maar dat strookt totaal niet met de werkelijkheid. Ik wilde onderzoeken hoe het tijd, oefening en ervaring vergt om echt van seks te kunnen genieten.’

Pillion gaat over de verhouding tussen de rijder en de passagier, waarbij de één zich letterlijk en figuurlijk schikt naar de ander

Ook in de gezinsdynamiek speelt Lighton met de wetten van het genre: de rol van de ouders is namelijk opvallend ondersteunend. Wanneer Colin zijn nieuwe partner Ray mee naar huis neemt, blijven de ouders semi-begripvol, zelfs als Ray hun zoon publiekelijk onderdanig blijft behandelen. Lighton: ‘Ik ben eerlijk gezegd een beetje klaar met homofobe ouders in films. Als kijker haak ik snel af als ik iets zie dat te bekend of cliché aanvoelt. In het boek waren de ouders luidruchtig homofoob, maar ik vond het veel interessanter om ze juist ontzettend ondersteunend te maken. Hun steun wankelt echter op het moment dat de versie van 'gay-zijn' waar Colin plezier aan beleeft, niet meer strookt met hún idee van wat hem gelukkig zou moeten maken. Dat stelt volgens mij veel interessantere vragen over de grenzen van acceptatie.’

Als passagier op de motor

Naast de emotionele gelaagdheid, speelt de fysieke beleving van het motorrijden een hoofdrol in de film. Hoe heeft Lighton abstracte sensaties als de wind, het leer en het motorgeluid weten te vertalen naar naar beeld? ‘Wanneer we met Colin op de motor zitten, wilde ik dat de kijker de wind en de snelheid echt kan voelen. ‘We kozen voor een expressionistische aanpak door windmachines en waterverstuivers te gebruiken; je ziet de waterdruppels letterlijk van zijn helm spatten. Door het zo gestileerd te filmen, creëren we voor het publiek een bijna tastbare, zintuiglijke ervaring.’

Tot slot vraag ik Lighton wat de titel Pillion voor hem persoonlijk betekent. Voor de regisseur vat het woord de essentie van zijn debuutfilm perfect samen. Lighton: ‘De titel dekt voor mij de lading op twee manieren. Er is de letterlijke betekenis: het passagierszitje achterop een motor. Maar er is ook de figuurlijke betekenis van de onderdanige persoon, de bottom. De titel vat de volledige machtsdynamiek van de film samen: de verhouding tussen de rijder en de passagier, waarbij de één zich letterlijk en figuurlijk schikt naar de ander.’

Emin

Emin is sinds 2023 redacteur bij Cineville en weet alles van New Queer Cinema. Sebastiane, The Living End: Emin vertelt je waarom deze klassiekers nog steeds de koers bepalen. Zijn passie ontstond tijdens een stage bij distributeur Cinemien en liet hem nooit meer los. Naast zijn werk voor Cineville, is hij filmbeschrijver voor IDFA.

Laatste artikelen