Interview

Regisseur Hiroshi Okuyama over My Sunshine: ‘Het budget van de film was beperkt, maar in licht hebben we flink geïnvesteerd’

In Cannes ontmoetten we de jonge Japanse regisseur Hiroshi Okuyama, wiens zachte en gevoelige films het goed doen op de Europese filmfestivals – net als die van zijn leermeester Hirokazu Kore-eda.

Het voelt een beetje als een zwaktebod, maar het is wel echt zo: de kleine Japanse film My Sunshine van Hiroshi Okuyama doet denken aan het werk van Hirokazu Kore-eda (Nobody Knows, Shoplifters). In zacht licht, met veel geduld en weinig woorden, ontvouwt zich een verhaal van twee jonge kunstschaatsers en hun coach. Het verlegen jongetje Takuya zit eerst nog op ijshockey, maar is daar niet zo goed in. Na weer een mislukte training blijft hij hangen om te kijken naar de talentvolle kunstschaatser Sakura en raakt betoverd. Coach Arakawa besluit de twee aan elkaar te koppelen: als duo maken ze meer kans om ver te komen.

Het draait in My Sunshine om de schoonheid van de sport en de vraag of dit bij elkaar geveegde drietal ‘het gaat halen’, maar belangrijker zijn de onderlinge relaties en de complexiteit van onuitgesproken gevoelens. Zo is Takuya allang blij dat hij zijn hart kan volgen, terwijl Sakura vooral bezig is met de (on)verdeelde aandacht van haar coach, een voormalig toptalent dat om onduidelijke redenen als jeugdtrainer in uithoek Hokkaido is geëindigd.

Tip van Maan

My Sunshine

Een gevoelige coming-of-age-film over twee jonge kunstschaatsers die elkaar met vallen en opstaan weten te vinden.

Het is allemaal klein en fijn en Japans en daarmee heel erg à la Kore-eda. Niet geheel toevallig dook de gevierde regisseur eventjes op bij de wereldpremière van My Sunshine op het Filmfestival van Cannes. ‘Hij was toch al in de buurt’, vertelt Okuyama als we hem spreken op het festival. De 29-jarige Okuyama en 62-jarige Kore-eda blijken elkaar goed te kennen. ‘Ik heb met Kore-eda gewerkt aan de tv-serie The Makanai. Ik ben een groot bewonderaar van hem en heb veel van hem geleerd. Bijvoorbeeld dat je kinderen geen script moet geven. Daarom vertelde ik mijn acteurs pas op de set waar hun scène precies over zou gaan en welke tekst ze hadden.’

Ik herinner me dat ik op school niet wilde zeggen dat ik op kunstschaatsen zat

‘Kore-eda heeft mij ook laten zien hoe je internationaal succes kan afwisselen met films maken in Japan. Op dat gebied is hij echt een inspiratie. Toen mijn debuut Jesus (Boku wa Iesu-sama ga kirai) werd geselecteerd voor het Filmfestival van San Sebastian, wist ik dat mijn films het goed zouden doen aan de andere kant van de oceaan. Sindsdien denk ik altijd na over het Westerse publiek dat ik kan bereiken. Het is voor mij een reden om in de toekomst dezelfde stijl aan te houden.’

My Sunshine speelt zich af in 2001, het jaar waarin Okuyama als klein jongetje zelf ook aan kunstschaatsen deed. Anders dan Takuya was hij nooit verliefd op de sport (‘Ik volgde gewoon mijn oudere zus’), maar net als Takuya kreeg hij te maken met pesterijen. ‘Ik herinner me dat ik op school niet wilde zeggen dat ik op kunstschaatsen zat. Op de ijsbaan, waar ook werd gehockeyd, werd ik uitgelachen. De jongens die op ijshockey zaten, daar keek ik tegenop. Maar het vooroordeel dat kunstschaatsen alleen voor meisjes is, wordt in Japan wel minder en minder.’

Z’n jonge hoofdrolspelers plukte Okuyama van de ijsbaan. Keitatsu Koshiyama, het jongetje dat Takuya speelt, zat al bij een agentschap en was snel gevonden. De rol van Sakura bleek lastiger te casten. ‘Toen we niemand konden vinden, zijn we flyers gaan ophangen bij verschillende schaatsbanen in Japan. Gelukkig melde Kiara [Takanashi] zich.’ 

‘De schaatsbaan in de film is een echte. Ze ligt alleen niet op Hokkaido, maar in Iwate, dat is ook in het noorden van Japan. In de winter wordt er geschaatst, maar in de zomer is het een zaalvoetbalzaal. Daarom zitten er zo veel ramen in. Die hoge ramen maakten het makkelijker om de baan mooi te belichten. Het budget van de film was beperkt, maar in licht hebben we flink geïnvesteerd. Ieder raam kreeg z’n eigen lampen.’ 

Naast het fraaie licht op de ijsbaan, speelt de muziek van Clair de Lune van Debussy een belangrijke bijrol. Takuya en Sakura oefen er keer op keer hun kuur op. Okuyama: ‘Ik ben gaan luisteren naar alle klassieke muziek die vaak wordt gebruikt bij het kunstschaatsen; Clair de Lune kwam het dichtst bij het beeld dat ik had van coach Arakawa. Maar het is ook mijn persoonlijke favoriet. Ik wist dat ik het nummer meer dan 1000 keer zou moeten aanhoren voordat mijn film af zou zijn, daarom koos ik de muziek die ik het fijnst vond om naar te luisteren.’

Jesse

Jesse werkt al meer dan 14 jaar bij Cineville. Toen hij begon maakte hij de nieuwsbrief en filmagenda – en dat doet-ie soms nog steeds. Maar meestal is hij druk als eindredacteur en wandelend Cineville-archief. Voordat hij bij Cineville belandde studeerde hij Media & Cultuur (in Amsterdam) en Journalistiek (in Groningen).

Gerelateerde films

Tip van Maan

My Sunshine

‘Een sierlijke pirouette en vastberaden sprong: deze film schaatst een dikke streep door sociale conventies.’