Laatste kans: Drive

Na een ongelofelijke run van ruim een half jaar draait Drive, de beste film van 2011, deze week voor het laatst in Kriterion. Vijf redenen om (nog eens) te gaan.

Ryan Gosling neemt in Drive bezit van het filmdoek als een Hollywood-stuntman en gelegenheidschauffeur voor criminelen, die valt voor zijn buurvrouw en daardoor betrokken raakt bij duistere zaakjes. De film betekende een Amerikaanse doorbraak voor de Deense regisseur Nicolas Winding Refn, die overigens zelf geen rijbewijs heeft.

Voor wie Drive nog niet heeft gezien, of voor wie twijfelt of hij hem nog eens moet zien (hij is beter de tweede keer!), hebben wij 5 redenen voor je.

1. De actiescènes. Drive bevat een paar van de beste actiescènes die de afgelopen jaren op het witte doek verschenen. De makers begrepen dat er geen overdreven explosies, dure CGI of razendsnelle, niet te volgen montages nodig zijn. Wat nodig is, blijkt structuur, opbouw, verrassingen, originaliteit en een script met dramatische spanning. Tijdens de ijzingwekkende openingsachtervolging, het unheimische afwachten tijdens een roofoverval en de gruwelijke scène in de lift, laten de makers ons met minimale middelen op het puntje van onze stoelen zitten. Take that, Michael Bay!

2. De acteurs. Ryan Gosling is inmiddels toch al omgedoopt tot de nieuwe Marlon Brando en iedereen sprak er schande van dat komiek Albert Brooks niet werd genomineerd voor een Oscar voor zijn heerlijke schurkenrol. Daarom zetten wij nu de andere castleden ook even in het zonnetje. Carey Mulligan is effectief en tegendraads gecast als huismoeder, de immer verrukkelijke Ron Perlman is weer ouderwets diabolisch als een jood die een Italiaanse gangster wil zijn en Bryan Cranston steelt stilletjes (bijna) de show in zijn ontroerende rol als Ryan Goslings baas en vaderfiguur.

3. De filmreferenties. Drive is een B-film zonder schaamte en de makers verwijzen dan ook veelvuldig naar andere films waardoor ze geïnspireerd raakten. Alleen al om alle referenties op te pikken is het de moeite waard om Drive twee keer te zien. The Crying Game, Irréversible en To Live and Die in L.A. is slechts een willekeurige greep uit de vele titels die verborgen zitten in Drive

4. De muziek. Muziekliefhebbers kennen Cliff Martinez als de ex-drummer van The Red Hot Chili Peppers. Cinefielen kennen hem als de componist van verschillende Stephen Soderbergh-films. Hij is geen componist van bombastische orkesten, maar komt in Drive met sferische tonen, bluesy gitaarrifjes, technobeats en op een gegeven moment zelf iets van Tibetaanse monniken. Dit roept een geweldige ongemakkelijke spanning op, en de muziek draagt bij aan de spirituele, existentiële kant van de film.

5. De existentiële laag. Het personage van Ryan Gosling heeft geen naam in Drive. Hij is een driver en dat is alles wat hij is. In zijn auto is hij als een monnik in zenstaat, maar zodra er menselijke emotie zijn wereld binnendringt valt de boel uit elkaar. Daarmee is Drive een stuk diepgaander dan de film aan de oppervlakte lijkt, maar die diepgang is heel verfijnd en tussen de regels door verweven. De film is ook te zien als een simpele exploitatiefilm, en dat maakt Drive een waar kunstwerk. Gosling en Refn werken aan een volgende film, die met de titel Only God Forgives dezelfde gelaagdheid belooft.

Lees verder

Reacties

Laatste artikel9 uur 3 min geleden