Een vos met midlifecrisis
Door Kasper van Royen
Mijn oma was bij ons op bezoek en zou mij naar bed brengen. Bij het naar bed brengen hoorde natuurlijk het ritueel van een verhaaltje voorlezen. We hadden een heleboel mooie kinderboeken in de kast staan en ik mocht daar een van uitkiezen. Het werd De fantastische Meneer Vos van Roald Dahl, een boekje waar ik maar geen genoeg van kon krijgen. Het gaat over de slimme en grappige Meneer Vos die kippen en ganzen steelt van de lelijke boeren Bolus, Bits en Biet om zijn gezin te kunnen onderhouden.
Mijn oma staakte echter na enkele pagina's het voorlezen. Ze sloeg het boek dicht en liep verontwaardigd naar mijn ouders. Wat was dit nou voor een kinderboek? Hier werd diefstal, een zonde God's, goedgepraat. Moest haar kleinzoon daar een voorbeeld aan nemen? Vanaf dat moment was het mij duidelijk dat een goed verhaal niet altijd onomstreden is, dat iedereen vanuit z’n eigen overtuigingen zo’n verhaal interpreteert en dat aan fictie die vrij onschuldig bedoeld lijkt flinke aanstoot genomen kan worden. Wel, dat dacht ik natuurlijk niet allemaal zo, maar ik voelde het toch wel heel duidelijk. Het was een vervelend gevoel dat die lieve Meneer Vos mijn oma zo boos had gemaakt. Maar ik wist dat zij in God geloofde en mijn ouders en ik niet en Roald Dahl en Meneer Vos waarschijnlijk ook niet en dat zou er wel van alles mee te maken hebben.
In het boek stelen de vossen om te overleven, zoals je dat van vossen mag verwachten. In de film is die noodzaak echter afwezig. Dieren blijken daar gewoon eigen winkeltjes te hebben. Meneer Vos was ooit een gewiekste dief, maar verdient tegenwoordig de kost als columnist in de lokale krant. Zijn vrouw is zorgzaam, hun zoontje pubert. Maar zoals ook mensenmannen boven een bepaalde leeftijd weer boomhutten gaan bouwen en achter jonge meiden aanzitten, zo wil Meneer Vos iets spannenders dan dit burgerlijke gezinsleven. Mannen verklaren hun midlife-gedrag vaak met de gedachte dat je nou eenmaal 'de man niet uit de man kan halen' en Meneer Vos vindt ook dat hij in wezen een wild dier blijft. Zijn gedrag valt op als onaangepast in deze welvaartsmaatschappij van pluizige graafdiertjes en wordt door onder meer Mevrouw Vos, zijn advocaat Das en zijn mediterende neef Kristofferson als zeer onverantwoord en immoreel bestempeld. Bovendien brengt Meneer Vos met zijn criminele activiteiten die hele staartige samenleving in groot gevaar. Toch kun je als kijker alleen maar sympathie voor hem opbrengen. Hij is immers een vos en we verwachten niet anders van vossen dan dat ze hartverwarmend sluw zijn, zeker niet als ze de stem van George Clooney hebben.
Er is aan het simpele verhaaltje veel gesleuteld om er een avondvullende film van te kunnen maken. Maar Dahl's essentie, de sympathie die wordt opgeroepen voor de slimme schurk, is helemaal bewaard gebleven. Dit verhaal zal mensen blijven aanspreken, omdat het appelleert aan de 'stouterik' die zelfs de meest welopgevoede burger diep van binnen is. Maar voor mijn oma zou de film nog vele malen aanstootgevender zijn geweest dan het boek. Diefstal om te overleven is één ding, maar diefstal uit verveling en om de 'kick' gaat toch nog wel een paar vossenstappen verder. Ik ben al met al blij dat ze dit niet meer mee heeft hoeven maken.
Donderdag gaat The Fantastic Mr. Fox in première. Bekijk hier de Cinevillepagina van de film.
