De Sight and Sound-lijst kent zijn criteria

De beste film aller tijden noemen is een uitdaging voor elke criticus en regisseur. Wanneer komt een film hiervoor in aanmerking? En waarom is de lijst van Sight and Sound een veel betere afspiegeling van het goede in de cinema dan alle andere lijstjes? Een gepassioneerde verdediging van de fantastische top tien die gisteravond bekend werd gemaakt.

Een van de fijne vragen des levens: ‘wat is de beste film aller tijden?’ Het lijkt een subjectieve keuze te vragen van je gesprekspartner, al is het dat eigenlijk niet. De ‘beste film aller tijden’ is niet hetzelfde als ‘een goede film’ en zelfs niet hetzelfde als ‘een geweldige film’. Elk jaar worden er talloze magnifieke stukjes cinema afgeleverd, maar het merendeel ervan zal nooit in aanmerking komen om tot ‘de beste films aller tijden’ te worden gerekend. Pas wanneer duidelijk wordt dat niet elke film meestrijdt om de meest begeerde plek in cinemaland (onder cinefielen en critici) krijgt de gisteravond verschenen lijst van Sight and Sound wat meer helderheid.

Een ‘beste film aller tijden’ moet simpel gezegd aan een aantal criteria voldoen: Hij moet op elk afzonderlijk vlak (regie, camera, montage, geluid) uitzonderlijk, bizar hoog scoren. Het totaal van de film moet nog beter zijn dan de som der delen (elk dus al zeer hoog). De regisseur moet een duidelijke visie en handtekening hebben. De film moet vernieuwend en zeer invloedrijk zijn in zijn genre, en de kwaliteit van het totaal moet het genre ontstijgen.

De afzonderlijke vlakken

Wanneer je de criteria zou afvinken vallen er al onnoembaar veel films af.

Films die solliciteren naar de titel ‘beste film aller tijden’, moeten niet alleen ‘een goede film’ zijn, maar op elk afzonderlijk punt buitengewoon zijn. Van de aankleding tot de acteerprestaties en van het scenario tot de belichting; alles moet in de absolute top liggen wil een film in aanmerking komen. Wanneer je de criteria zou afvinken vallen er al onnoembaar veel films af.

Een voorbeeld is Stanley Kubricks sciencefictionfilm 2001: A Space Odyssey. Hij scoort duidelijk op alle punten hoog. Er is, van licht tot regie tot montage tot geluid, niets op aan te merken. Sterker nog: de film wordt in afzonderlijke artikelen van verschillende mensen om al deze punten geprezen. Wanneer dit vergeleken wordt met een andere film, bijvoorbeeld Eyes Wide Shut, wordt duidelijk waarom de ene film wel in de lijst thuishoort en de andere niet. Waar op de laatste film het tempo en de actie (of het gebrek daaraan) op veel kritiek kon rekenen, zijn alle vlakken van 2001: A Space Odyssey te prijzen. 

De som der delen

‘Een geheel dat méér is dan de som der delen’ is een predikaat waar je als filmmaker maar moeilijk vat op krijgt, maar het is juist dát beetje filmmagie dat enkelen boven de rest doet uitstijgen. Het is als het ware de kers op je taart; zonder smaakt hij ook geweldig en de smaak van die ene kers voegt niet iets noemenswaardigs toe, maar het geheel wordt toch nooit zo fraai als wanneer de rode vrucht op het laagje slagroom ligt. Zo komt Martin Scorseses Taxi Driver wél in aanmerking en is Shutter Island (hoewel bijzonder goed in al zijn componenten) geen kandidaat. 

Feitelijk is dit het criterium waar het meeste discussie over kan ontstaan, maar tegelijk is het ook een rotsvast vereiste. Geen enkele film in de Sight and Sound-lijst kan ontzegd worden dat het geheel meer biedt dan de losse delen. Vergelijk dit met de IMDB Top 250, waar al sinds jaar en dag The Shawshank Redemption de lijst aanvoert. Een hele goede film, zonder twijfel, en feitelijk in al zijn delen perfect, maar er mist iets dat nauwelijks te beschrijven valt, maar in dit artikel ‘filmmagie’ heet. Het is een verschrikkelijk goede en mooie film, maar omdat hij niet meer is dan de som der delen, maakt hij geen enkele kans op een plaats in de Sight and Sound-lijst. Wanneer je de vergelijking trekt met de nieuwe nummer een van de lijst, Vertigo, zie je daar een film die leeft buiten de beelden en geluiden. Een film die niet alleen zijn genre ontstijgt, maar ook zijn medium. Geschiedenislessen zijn incompleet zonder de kraker van Hitchcock en diens fluwelen kers op de taart van de cinema.

De handtekening van de regisseur

Zoals de aanhangers van de Franse Nouvelle Vague beweging goed hadden gezien heeft een echt goede film een handtekening van zijn regisseur nodig. Een handelsmerk. Je moet terug kunnen zien in de film wie hem gemaakt heeft. Van de vele cineasten in de lijst (Orson Welles, Federico Fellini, Martin Scorsese) is deze handtekening zo kenmerkend, dat je meteen kan begrijpen waarom handtekeningloze films als Brave of The Amazing Spider-Man de lijst nooit zullen bereiken.

Nu is er voor een blijk van een handtekening wel een oeuvre nodig, maar ook een visie. Het is vaak juist het laatste waar het moderne regisseurs aan ontbreekt (misschien een reden dat er zo weinig recente films in de lijst staan?). Aan de beelden die Scorsese de kijker voorschotelt zie je een idee, een wereldbeeld, een visie van hoe hij de beweging en stilstand in het leven ziet. Dat is wat Fellini en Welles wel hebben en Mark Andrews (Brave) en Marc Webb (wie laat 500 Days of Summer nu opvolgen door een superheldenfilm?) niet.

Vernieuwend en invloedrijk

Het is duidelijk waarom een film als Citizen Kane zo invloedrijk is. De grote schaal waarop alles – het verhaal, het acteren, de cameravoering, de make-up – in de film is uitgevoerd is tot in de oneindigheid geïmiteerd door andere films. Soms als knipoog, vaak als ode, maar geen enkele film laat Citizen Kane onverschillig.

Noem eens een paar goede stukjes cinema die niets van Citizen Kane in zich hebben, of niets van de nieuwe nummer een van de lijst, Vertigo. Alfred Hitchcock is zonder twijfel de beste kandidaat voor de top van de lijst, omdat hij cinema een andere richting heeft gegeven. Wanneer je kijkt naar Psycho, Vertigo, The Birds of North By Northwest wordt er duidelijk dat de filmwereld er heel anders had uitgezien zonder deze charismatische cineast: de manier waarop hij de plots van zijn films smeedde is later zo uitgemolken dat het een cliché werd, hij maakte spionnenfilms voordat er James Bond films waren en was een van de eerste regisseurs die zijn films zo’n rigoureus einde durfde mee te geven dat het publiek uit zijn stoel werd geblazen.

Genreontstijgend

Een film die in aanmerking komt voor de ‘beste film aller tijden’ is niet alleen goed in zijn genre. Het gaat verder dan dat. The Godfather is niet alleen goed als maffiafilm of gangsterepos; de film is zo goed dat hij dat genre ontstijgt. Goed als film. Dat is een kenmerk dat alle films in de lijst hebben. Alle oorlogsfilms kunnen op zijn hoogst Apocalypse Now benaderen zoals sciencefiction op zijn hoogst Kubrick kan benaderen. 

Op de schaal van Hitchcock is behalve voor giganten voor niemand plaats.

Hitchcock, de nieuwe en verdiende nummer een van de lijst, stichtte eigenlijk nieuwe maatstaven. Deze behandelen in hun geheel de cinema. Elke film is, zo blijkt uit de lijst, op zijn best een benadering van een werk van Hitchcock. En op de schaal van Hitchcock is behalve voor giganten voor niemand plaats.

Sight and Sound maakte deze fraaie lijst met behulp van honderden critici en regisseurs. Door ieder tien films te laten noemen en simpelweg de stemmen te tellen, is de lijst tot stand gekomen. Door de kunde van de stemmers is de lijst een kundige en goede afspiegeling geworden. Dat onderscheidt deze lijst van de vele anderen: de stemgerechtigden. De filmcritici en de filmregisseurs. Ze kennen hun criteria. En hun grote aantal zorgt ervoor dat de uitzonderingen zonder verstand van film nauwelijks nog van invloed zijn. 

Het kiezen van een goede film is aan iedereen. Het kiezen van de beste films aller tijden niet. In de woorden van recensiegoeroe Roger Ebert: ‘For years people have been telling me they just don't see what's so great about Citizen Kane. Now they tell me they just don't see what's so great about Vertigo. My answer will remain the same: "You're insufficiently evolved as a moviegoer." Or, more simply, "You're wrong."’


De Sight and Sound-lijsten:

The Critics' Top Ten Greatest Films of All Time:

Vertigo (Hitchcock, 1958)
Citizen Kane (Welles, 1941)
Tokyo Story (Ozu, 1953)
La Règle du jeu (Renoir, 1939)
Sunrise: a Song for Two Humans (Murnau, 1927)
2001: A Space Odyssey (Kubrick, 1968)
The Searchers (Ford, 1956)
Man with a Movie Camera (Dziga Vertov, 1929)
The Passion of Joan of Arc (Dreyer, 1927)
8 ½ (Fellini, 1963)

The Directors' Top Ten Greatest Films of All Time:

Tokyo Story (Ozu, 1953)
2001: A Space Odyssey (Kubrick, 1968)
Citizen Kane (Welles, 1941)
8 ½ (Fellini, 1963)
Taxi Driver (Scorsese, 1976)
Apocalypse Now (Coppola, 1979)
The Godfather (Coppola, 1972)
Vertigo (Hitchcock, 1958)
Mirror (Tarkovsky, 1974)
Bicycle Thieves (De Sica, 1948)

Lees verder

Reacties

Laatste artikel3 uur 31 min geleden