The Time that Remains
Credits
-
RegieElia Suleiman, 2009metElia SuleimanSaleh BakriLandGroot-BrittanniëtaalHebreeuws, Arabisch, Engelsduur109 min.
In vier episodes wordt de geschiedenis van zijn familie uit de doeken gedaan, sinds het uitroepen van de staat Israël in 1948. Veel Palestijnen werden verdreven, sommigen mochten blijven en kregen de Israëlische nationaliteit. Onder die laatsten ook de in Nazareth wonende Fuad en zijn familie. Fuad, de vader van E.S., was niet van plan zich neer te leggen bij zijn status als tweederangsburger in de nieuwgevormde staat. Maar verzet bleek vruchteloos.
De deels autobiografische film is geïnspireerd op persoonlijke dagboeken van de vader van de regisseur, en op brieven van zijn moeder die gedwongen werd om het land te verlaten. De film toont een knappe mix van het politieke met het persoonlijke, plus een snufje Tati-achtige, droge humor. Het leverde Suleiman een nominatie voor de Gouden Palm op bij het filmfestival van Cannes in 2009.
De Palestijnse Buster Keaton
‘Kroniek van een aanwezige afwezige’ is de ondertitel van The Time That Remains. Hij slaat op de in 1960 in Nazareth geboren Elia Suleiman, die jaren in het buitenland woonde, maar ook op de positie van de Palestijnen in Israël: zij wonen er, maar als tweederangs burgers zijn ze al ruim zestig jaar afwezig in hun land.
The Time That Remains gaat over de psychische invloed op hen van de naoorlogse Palestijns-Israëlische geschiedenis. Dat had makkelijk een politiek traktaat kunnen opleveren, maar wie Suleimans werk kent (Chronicle of a Disappearance, Divine Intervention) weet dat de op Buster Keaton lijkende acteur en filmmaker het altijd zoekt in tragikomisch absurdisme.
Voor The Time That Remains baseerde hij zich op de herinneringen van zijn vader en moeder en zichzelf. Het leveren over vijf episoden verdeelde korte scènes op over zijn familiegeschiedenis in Nazareth. Centraal staat Suleimans vader Fuad (Saleh Bakri), die in 1948 als Palestijns verzetsstrijder Nazareth verdedigt, maar na de overgave van de stad tot apathie vervalt.
Ook bij de buurman is de klap hard aangekomen: de verwarde man probeert zichzelf steeds in brand te steken. Zijn mislukte pogingen lopen als een running gag door de film. Tot Suleimans eigen herinneringen hoort de uitbrander die hij als jochie op school krijgt als hij de Amerikanen kolonisten noemt: 'Wie zegt dat Amerika imperialistisch is?'. Later wordt hij het land uitgezet, omdat hij een Israëlische vlag naar beneden heeft getrokken.
De sfeer in de film wordt steeds desolater en apathischer, waarbij de frustratie en machteloosheid van de Palestijnen goed voelbaar worden. Ook de kijker raakt gevangen in een soort 'wachten op Godot'.
Met The Time That Remains slaat Suleiman geen nieuwe wegen in, maar bewijst hij zich weer als een filmmaker die uitstekend de schrijnende absurditeit van het Palestijnse leven in Israël weet over te brengen. Niet alle scènes zijn sterk, maar Suleimans benadering dwingt bewondering af. Wie aan het einde van een film over de Israëlisch-Palestijnse geschiedenis de Bee Gees Staying Alive laat zingen, heeft een goed gevoel voor zwarte humor.
Beoordeling: ****
