A Midsummer Night's Sex Comedy

  • Info
  • Over de regisseur

Speelse Woody Allen-komedie, losjes geïnspireerd op Sommarnattens leende (Glimlach van een zomernacht) van Ingmar Bergman en Shakespeare’s A Midsummer Night's Dream.

Credits

  • Regie
    Woody Allen
    , 1982
    Land
    Verenigde Staten
    taal
    Engels
    duur
    88 min.

New England, 19e eeuw: Andrew (Woody Allen) en zijn vrouw Adrian nodigen twee stellen uit om een weekend door te brengen in hun idyllisch gelegen huis. Daar raken ze verwikkeld in een spel van seksuele spanning, jaloezie en frustratie als de één de vrouw van de ander blijkt te begeren. De eerste Woody Allen-film waar Mia Farrow in speelt. Ook met Mary Steenburgen en José Ferrer.

0 sterren gebaseerd op ratings

Woody Allen

Niemand zal ooit meer een komedie over een grootstedelijke neuroot kunnen maken zonder dat recensenten de naam noemen van Woody Allen (New York, 1935). Het feit dat zijn handtekening in ieder van zijn films onmiddellijk herkenbaar is, maakt Allen tot een van de ijkpunten van de moderne cinema. Niemand anders combineerde met zoveel succes onversneden hilariteit met intellectuele fascinaties als filosofie, psychologie en literatuur. 

Allen kreeg op zijn vijftiende zijn eerste baantje als grappenmaker. Voor 200 dollar per week schreef hij oneliners voor een lokale krant. Na een tijdje als stand up-comedian gewerkt te hebben, schreef hij het scenario van What's New, Pussycat? (1965), waarin hij zelf ook een kleine rol mocht spelen. Toen hoofdrolspeler Peter Sellers zich alle hilarische oneliners toe-eigende die de scenarist voor zichzelf had geschreven, besloot Allen dat hij voortaan volledige controle wilde.

What's Up, Tiger Lily? (1966) was Allens debuut als regisseur. Het was het begin van een onwaarschijnlijk productieve carrière. Tot op heden regisseerde Allen meer dan veertig films. Na een vroege periode met films die voornamelijk uit sketches waren opgebouwd, bewees Allen zich met Annie Hall (1977) als filmmaker die ook serieuzere thema's kon aansnijden, zonder dat de lach daar onder hoefde te lijden. Voor die film kreeg Allen zijn eerste drie Oscarnominaties - voor regie, scenario en spel - waarvan hij de eerste twee verzilverde. Er zouden nog twintig (!) nominaties volgen.

Naast meer geslaagde films in het bitterzoet-komische genre, zoals Manhattan (1979), Zelig (1983) en The Purple Rose of Cairo (1985), maakte Allen ook een aantal drama's waarin hij het voorbeeld van zijn idolen Federico Fellini en Ingmar Bergman volgde, zoals Interiors (1978) en Stardust Memories (1980). In de jaren negentig toonde Allen volgens critici vormverlies, maar leverde hij desondanks nog pareltjes af als Mighty Aphrodite (1995) en Everyone Says I Love You (1996).

Na de eeuwwisseling gaf een horizonsverbreding een nieuwe impuls aan Allens werk. Lange tijd was New York het karakteristieke theater van zijn films, maar het werd te duur om daar te filmen. Allen bekeerde zich tot de grote steden van het oude Europa: Londen, Barcelona, Parijs, Rome. Daar maakte hij onder andere Match Point (2005), Vicky Christina Barcelona (2008) en Midnight in Paris (2011), films die tot de beste uit zijn oeuvre gerekend worden. Met die laatste film behaalde Allen op 76-jarige leeftijd nog even de grootste omzet uit zijn loopbaan.